Afgelopen jaar hebben we als AVC veel werk verzet om de Bevrijdingstocht Noord West Veluwe 2025 ter herdenking van de bevrijding door het Canadese tankregiment Lord Strathcona’s Horse, van rijdende tanks te kunnen voorzien.

De Nederlandse Wet Wapens en Munitie is namelijk erg strikt en ziet geen tanks maar stukken geschut die vergunningsplichtig zijn, en daar zit toevallig een voertuig aan vast. En behalve voor het bezitten van dergelijke wapens, is er ook voor het vervoeren en vertonen van deze indrukwekkende apparaten een aparte vergunning nodig. En die kan niet iedereen aanvragen; de AVC dus wel.

De Bevrijdingskolonne zoals die uiteindelijk plaatsvond (bron Ermelo Nieuws)

Het ging allemaal niet vanzelf en we waren er in een laat stadium bij geroepen, het vergde nogal wat uitzoekwerk en het gladstrijken van ontstane plooien her en der, maar uiteindelijk reed bijna alles dat ingeschreven was, de Bevrijdingstocht mee. De ene uitzondering had in de basis de verkeerde vergunning, hoewel andere regio’s dat voertuig wel accepteerden. Een discussiepunt waar we het met Korpscheftaken later nog  over gehad hebben bij een bakje koffie.

Maar goed, om het succes te vieren probeerde de projectleider Lt.Kol. b.d. Bas al maanden om de werkgroep bijeen te krijgen voor een feestelijke afsluiting. Maar zoals dat gaat, iedereen druk en volle agenda’s. Om het toch niet een stille dood te laten sterven, is uiteindelijk de datum van 2 mei geprikt waarop de meesten dan konden. En of ik een groen voertuig kon meenemen.

Groen voertuig

Uiteindelijk konden op de dag zelf slechts 3 van de 5, waarvan 1 iets later dan gepland, want druk en belangrijk, maar uiteindelijk zaten we om 1 uur aan de tafel van Bas. Beetje herinneringen ophalen en mijmeren over het volgende kroonjaar.

Om half 2 stapten we in, en volgden de aanwijzingen van Bas die ons naar allerlei belangrijke locaties van de opmars van het Regiment Lord Strathcona’s Horse ging tonen. En met 2 historisch deskundigen, want vlak Erik ook niet uit, zie je ineens allerlei sporen uit de 2e wereldoorlog en de koude oorlog op plaatsen waar je het niet had verwacht. Je gaat echt met andere ogen kijken, en het voordeel van een Iltis is dat je zonder deuren een goed zicht hebt, en toch de snelheid om in relatief korte tijd grote afstanden te overbruggen. Het bekijks dat je onderweg trekt, is altijd grappig.

Soms ben je dan zo lekker in gesprek dat je een afslag gemist hebt en weer een stukje terug moet, maar dat mag de pret dan niet drukken.

81 jaar geleden

Via Apeldoorn, Twello, Deventer (waar we de brug die gebruikt werd om de film “a bridge too far” te filmen, hebben overgestoken), Teuge (waar we oude legeringsgebouwen van de Luftwaffe  en later KLu hebben gezien), Wilp reden we naar Gorssel, waar we de oversteekplaatsen gingen zoeken die de Canadezen hebben gebruikt. We zagen een banner van Operation Canonshot, de grootse herdenking die daar (in Wilp) de laatste jaren gehouden wordt, en witte kruizen die symbolisch aangeven waar Canadese slachtoffers gevallen zijn. Die zijn daar tijdelijk voor het evenement neergezet.  

Bas had een Falck wegenkaart en mopperde dat het toch niet zo goed was als een stafkaart, terwijl ik zo dicht mogelijk langs de Ijssel probeerde te sturen, met tips van de lokaal goed bekende Erik. EN zo kwamen we bij een monumentje langs de Ijssel dat de oversteek memoreerde. Er waren 2 bankjes bij, één gevuld met dames die uit Frankrijk bleken te komen, de andere bezet door een oudere man die lekker van het weer aan het genieten was, en 2 Duitsers die hun visgerei weer in de auto aan het laden waren. Erik probeerde een foto van ons drieën met het monument te maken, waarop één van de Duitse vissers die foto van ons maakte.

De oudere man bood aan om een foto van ons vieren te maken, waarop we hem uitlegden dat we slechts gedrieën op pad waren en nummer 4 al een welwillende passant was.

De man vertelde ons dat we genept werden met het monument: “de echte oversteekplaats is bij die andere bocht in de rivier, maar een gemeenteambtenaar vond het hier ‘handiger’ want hier is plek voor een touringcar.”.

Spontane geschiedenisles. Momentjes om in te lijsten

Bas reageerde eerst sceptisch, maar naarmate het gesprek vorderde gaf de man steeds meer details over dat stukje Ijssel en werd het steeds plausibeler. Hij vertelde dat zijn vader vlakbij als jachtopziener gewerkt had in de oorlog, dat de Duitse Wehrmachtsoldaten die in de regio ingekwartierd waren, veelal zelf boerenzonen waren die de boeren met alle liefde hielpen met werkzaamheden om de verveling te verdrijven en omdat ze het werk begrepen, en dat het een gemoedelijke streek was tot de Canadezen naderden en terugtrekkende Waffen SSers zich ermee gingen mengen.

De wederzijdse genegenheid ging zelfs zo ver dat de Werhmachtsoldaten de burgers waarschuwden om de kelders in te gaan en te schuilen, en zich dan probeerden over te geven om de Canadezen te kunnen vertellen waar de burgers zaten zodat die geen slachtoffer van onnodig oorlogsgeweld en beschietingen zouden worden.

 

Hij vertelde over de beroemde “Harry de neus” van de Landmacht Bergingsdienst die daar naar vermisten heeft gezocht en er aardig wat heeft gevonden. Waaronder een Duitse militair die door een Canadese scherpschutter door de helm in het hoofd was geschoten en in een oorlogsgraf was begraven maar niet meer geborgen. Zijn identiteit kon worden vastgesteld door zijn identiteitsplaatjes in zijn tabaksbuil. Hij vertelde dat er na de slag Duitse soldaten dood zijn gevonden met de foto’s van hun familie in handen, waar ze blijkbaar in hun laatste minuten naar hebben gekeken.

Hij vertelde ook over een SSer die een lokale vrouw had aangerand en probeerde te vluchten in gestolen burgerkleding, maar door de lokale bevolking gepakt en gelynched werd voordat de Canadezen erbij konden komen. Zijn graf is nooit gevonden, blijkbaar.

 

Na de oorlog kwam er lange tijd elk jaar in april een Duitse vrouw, wier man aan het Oostfront gesneuveld was en wier zoon hier vermist was, om bloemen te leggen op een bepaalde plek ter nagedachtenis aan haar zoon. Zijn vader nodigde haar dan uit voor koffie en een rustmoment.

 

En zo werd een monumentfoto in 10 minuten een waardevolle geschiedenisles over de regio en de menselijke kant van oorlog. En inderdaad, toen we terugreden op aanwijzingen van deze man, zagen we de plek waar het veel waarschijnlijker was dat de Buffalo’s de oversteek daar hadden gemaakt dan waar het monument staat. De grond was hier veel vlakker waardoor de voertuigen gemakkelijker uit het water de wal op konden komen.

Daar vlakbij hebben we ook een voetveer bekeken (Gorssel), dan vlakbij de locatie ligt waar een pontonbrug was gebouwd. Helaas konden we door recente bebouwing niet dichtbij die plek komen.

We reden door naar Westervoort, waar de Ijssel ook was overgestoken, ditmaal door de 49e Divisie Polar Bears. Helaas was er een enorme wegomleiding, waardoor we een flink stuk moesten omrijden op een lange provinciale weg. Dat was niet zo’n interessant stuk. De kronkelende Ijssel is toch een stuk mooier dan zo’n rechte provinciale weg.

Blijft ff zoeken

In Westervoort was het even zoeken naar de juiste manier om bij die oversteekplek te komen. Uiteindelijk vonden we het, maar het was voor mij wat te ver lopen. Bas en Erik gingen naar de oever om te kijken en foto’s te maken. 

Hier heeft zich heel wat afgespeeld

Monument met voertuigsporen

 

Ik bleef bij de Iltis, even de motorkap open om de benzineleiding en carburateur wat extra koeling te geven, en tijd voor een broodje.

Na een tijdje kwam een man in een Range Rover Sport langszij om te vragen of ik hulp nodig had. Ik heb vriendelijke bedankt en de situatie uitgelegd, en moest mijn mening over moderne Land Rover rijders toch weer bijstellen.

Vanaf dat punt reden we terug richting Ermelo. Eerst nog aan de voet van de brug bij Westervoort langs de resten van een oud fort, dat er nog steeds indrukwekkend uitziet. Toen binnendoor naar Otterlo, waar Erik een goed restaurant wist. Helaas wist een lokale trekkervereniging dat ook en zat het bomvol binnen en was de parkeerplaats dichtgeparkeerd met oude trekkers. Toen verder naar ’t Harde, en daar een grappig restaurantje gevonden waar ze alles serveerden; van sushi tot schnitzel. Ook dat was redelijk druk maar we kregen plaats en hebben prima gegeten.

Van daar af rap terug naar Ermelo, ware het niet dat die trekkerclub net langs reed en de praktische snelheid op de 80 km weg terugbracht naar 30.. gelukkig draaiden ze na een paar km af naar een parallelweg en konden we door.

 

In Ermelo alsnog de groepsfoto samen met de Iltis gemaakt, ik mijn trui weer aangetrokken enmijn gewone bril opgezet ipv de zonnebril op sterkte, en op pad naar huis.

We staan er eindelijk allemaal op!

Onderweg op de Houtribdijk een massa vliegjes uitgemoord met mijn voorruit, toch maar de handschoenen aangedaan en eenmaal thuis allespullen in huis gemikt, het welverdiende koude biertje laten schieten voor een whisky, en de eerste foto’s uitgewisseld.

 

Weer ff warm worden

 

Het was een geweldige dag met fantastische mannen. Bas, Erik, bedankt voor een fantastische informatieve en gezellige dag. En ja, het idee van nog een keer zo’n tocht maar dan op tijd georganiseerd, is wel gespreksonderwerp geweest. In het najaar maar eens kijken of we dat avontuur weer aangaan.

Los daarvan is de Ijssel een fantastisch gebied om met een open voertuig rond te rijden, dus een AVC bivak in die regio staat nu ook heel hoog op mijn lijstje. Als we een lid in de buurt hebben die kan en wil helpen met de organisatie, dan horen we dat heel erg graag.